PDM Canvas
Het PDM Canvas is het centrale, visuele instrument om werkprocessen in kaart te brengen volgens het Werknetwerk. Het is de enige betrouwbare bron SSoT voor alle informatie over een proces, van begin tot eind. Met dit Canvas breng je alles samen op één plek: wie doet wat, met welke middelen, en volgens welke regels.
graph LR
subgraph WD[Werkdomein]
direction LR
A[Single Source of Truth]
B[Werknetwerk]
C[PDM Canvas]
D[Bouwstenen]
E[Relaties]
A --> B
B --> C
C --> D & E
D -.- E
end
click A "/PDM/ssot/" " "
click B "/PDM/werknetwerk/" " "
click C "/PDM/canvas/" " "
click D "/PDM/bouwstenen/" " "
click E "/PDM/relaties/" " "
style WD fill:#222,stroke:#fff,stroke-width:1px,color:#fff,stroke-dasharray: 5 5
class C X
classDef X fill:#6C8CE3,color:#222Waarom het PDM Canvas?
Veel organisaties worstelen met procesdocumentatie die:
- Onoverzichtelijk is (te veel tekst, onduidelijke diagrammen).
- Inconsistent is (informatie staat op meerdere plekken, en is niet op elkaar afgestemd).
- Niet actueel is (verouderde documenten die niemand meer gebruikt).
Het PDM Canvas lost deze problemen op door:
- Eén plek voor alle informatie: Alle wijzigingen worden direct in het Canvas doorgevoerd en sluiten naadloos aan op de rest van de documentatie.
- Fouten zichtbaar maken: Als er iets niet klopt (bijvoorbeeld twee processtappen die direct met elkaar verbonden zijn, terwijl dat niet mag), zie je dat direct op het canvas.
- Automatische vertaling naar overzichten: Een correct ingevuld canvas levert automatisch de benodigde overzichten op, zoals stroomdiagrammen, rollenoverzichten en risicoanalyses.
Hoe ziet het PDM Canvas eruit?
Het canvas is opgebouwd uit Bouwstenen, georganiseerd in een handige tabel. De processtappen staan centraal, met daaromheen alle informatie die nodig is om het proces uit te voeren.
| PROCES Waar begint en eindigt het werkdomein? (unieke ID / afbakening) | ||
| ROLLEN Wie voert het uit? (functie/rolverdeling) | PROCESSTAPPEN Wat gebeurt er? | INFORMATIEOBJECTEN Welke data gaat erin en eruit? (documenten, data, status) |
| FYSIEKE OBJECTEN Welke tastbare zaken stromen? (hardware, assets, voorraad) | ||
| REGELS Waaraan moeten we voldoen? (wetgeving, SLA's, interne richtlijnen | HULPMIDDELEN Waarmee doen we het? (software, systemen) | |
Hoe werkt het in de praktijk?
Het PDM Canvas is niet statisch: het groeit mee met het proces. Hier is hoe het evolueert in 5 fasen:
| Fase | Omschrijving | Resultaat / Doel / Belangrijk |
|---|---|---|
| Fase 1: Initiatie & Scopebepaling | Het canvas is nog leeg. Samen met de opdrachtgever wordt bepaald wat gedocumenteerd gaat worden en wat niet. | Resultaat: Een duidelijke afbakening van het proces. |
| Fase 2: Inventarisatie | Tijdens interviews en workshops wordt het canvas gevuld met praktijkinformatie (post-its, aantekeningen). | Doel: De echte werkelijkheid vastleggen, ook als die nog niet perfect gestructureerd is. |
| Fase 3: Analyse & Structurering | Het canvas wordt opgeschoond: synoniemen worden vervangen door vaste termen, en de logica wordt gecontroleerd. | Resultaat: Een gestructureerd model dat voldoet aan de PDM-regels. |
| Fase 4: Documentatie & Generatie | Het canvas wordt goedgekeurd als betrouwbare bron. Vanaf nu worden alle overzichten (stroomdiagrammen, rollenmatrix) automatisch gegenereerd uit het canvas. | Belangrijk: Wijzigingen worden alleen in het canvas doorgevoerd. |
| Fase 5: Continue Borging | Het canvas blijft actueel. Wijzigingen in de praktijk worden direct verwerkt, zodat de documentatie nooit veroudert. | Doel: Voorkomen dat de documentatie veroudert en deze direct laten aansluiten op de praktijk. |
Waarom werkt dit?
- Praktijkgerichte taal: Experts gooien hun eigen woorden op tafel, die direct worden vertaald naar de juiste bouwstenen.
- Visuele controles: Als er iets niet klopt (bijv. een verboden directe link tussen twee processtappen), zie je dat direct.
- Betrouwbare basis: Pas als het canvas is goedgekeurd als “de werkelijkheid”, mag het worden omgezet naar digitale overzichten.
Kwaliteitsborging
Het canvas wordt getoetst op:
- Logica (kloppen de verbindingen tussen bouwstenen?)
- Unieke identificatie (heeft elk object een duidelijke naam?)
- Begrippenlijst (worden dezelfde termen overal hetzelfde gebruikt?)